Fouten – oorzaken en verhelpen
Bij een storing voert het meetgereedschap een herstart uit en kan vervolgens weer worden gebruikt. Anders helpt het onderstaande overzicht u bij permanente foutmeldingen.
Fout | Oorzaak | Verhelpen |
|---|---|---|
Meetgereedschap kan niet ingeschakeld worden. | Accu leeg | Laad de accu. |
| Accu te warm of te koud | Laat de accu op de juiste temperatuur komen of verwissel deze. |
| Meetgereedschap te warm of te koud | Laat het meetgereedschap op de juiste temperatuur komen. |
| Fotogeheugen vol | Breng de foto's indien gewenst over naar een ander opslagmedium (bijv. computer). Wis daarna de foto's in het interne geheugen. |
Fotogeheugen defect | Formatteer het interne geheugen door alle foto's te wissen. Als het probleem zich blijft voordoen, stuur het meetgereedschap op naar een geautoriseerde Bosch klantenservice. | |
| Langzame gegevensoverdracht bij Wi‑Fi®-verbinding | Wissel het Wi‑Fi®-kanaal (in het hoofdmenu onder <Toestel> → <WiFi inst.> → <WiFi kanaal>). |
Het meetgereedschap kan niet met een computer worden verbonden. | Meetgereedschap wordt niet door de computer herkend. | Controleer of het stuurprogramma op uw computer actueel is. Eventueel is een nieuwere versie van het besturingssysteem op de computer noodzakelijk. |
USB-aansluiting of USB-kabel defect | Controleer of het meetgereedschap met een andere computer kan worden verbonden. Als dit niet het geval is, stuur het meetgereedschap op naar een geautoriseerde Bosch klantenservice. | |
| Knoopcel leeg | Wissel de knoopcel zie Knoopcel vervangen (zie afbeelding B) en bevestig het wisselen. |
| Meetgereedschap defect | Stuur het meetgereedschap op naar een geautoriseerde Bosch klantenservice. |






